Features + Interviews01 april 2009
Tiga
Van je vrienden moet je het hebben
Tegen wil en dank is Tiga uitgegroeid tot bescheiden popster. Zijn remixen van 'Sunglasses at Night' en 'Hot in Herre', maar ook tracks als 'Pleasure from the Bass' en 'Louder than a Bomb' brachten de Canadees tot ver buiten de dansvloeren waar hij ooit doorbrak . Op zijn aankomende tweede album Ciao! gaat hij verder langs deze weg, vergeleken met debuutalbum Sexor (2006) lijkt zijn geluid geperfectioneerd. Met de hulp van oa. Soulwax, Jori Hulkkonen, John Dahlbäck, Gonzalez, Jake Shears (Scissor Sisters) en James Murphy vervagen zo langzaam de grenzen tussen pop, dance en disco -Tiga groeit door als ongekroonde dancing queen.
Vorig jaar werden we al getrakteerd op 'Mind Dimension', een onvervalste clubtrack van Tiga's aanstaande album. Geen goeie representant van de plaat, overigens, op Ciao! staan overwegend stijlvolle pop- en disconummers, meer dan ooit kiest het feestbeest uit Montreal voor een eigenzinnige crossover van stijlen. “Ik vind het heerlijk om precies tussen de underground en de mainstream te zitten”, vertelt hij tijdens een bezoek aan Amsterdam. “Niet dat ik daar zoveel over nadenk, ik ben opgegroeid in de underground, daar hoefde ik niet zonodig weg. Maar als je gaat zingen en je tracks echte songs worden, krijg je vanzelf een ander publiek.”
Op deze plaat verkoos de Canadees zelfs opzettelijk songs boven dansplaten, zo zegt hij. “Ik wilde nieuwe terreinen verkennen, iets meer muzikaliteit erin. Niet dat dansplaten amuzikaal zijn, de beste dansmuziek is vooral simpel en direct. In dat opzicht is 'Mind Dimension' het beste dansnummer op dit album. Ik wilde alleen iets verder gaan in het verkennen van mijn muziek, elektronische muziek diende hierbij als belangrijkste inspiratiebron.”
“Er is nog altijd een groot verschil tussen de muziek die je leuk vindt, of de muziek die je zelf maakt. Ik ben bijvoorbeeld groot fan van Konrad Black, dat beinvloedt mij, maar als ik zelf de studio induik komt het er heel anders uit. Ik wil ook niets van de lijst schrappen; ik hou van artiesten als Michael Mayer, Loco Dice, Louderbach, Joel Mull, Adam Beyer en Cari Lekebusch, maar ook van Justice, Soulwax en LCD Soundsystem. Veel Europese muziek, ja, daar heb ik altijd het meest naar geluisterd.”
Zo groeide Tiga op in Montreal, in de jaren 90 constant zijn oren gericht op Europa, steeds meer zijn draai vindend als artiest. “Ik was gewoon een technofreak”, vertelt hij. “Ik draaide op feestjes, had een platenzaak, organiseerde dingen, maar zag mezelf niet echt als techno-artiest. Ik had meer de ambitie om David Bowie-achtige songs te gaan maken. Toen heb ik wat remixen gedaan en kwam ik langzaam op het pad waar ik nu zit. Toen wist ik nog niet eens dat ik kon zingen, pas toen ik met Jori Hulkkonen die remix van 'Sunglasses at Night' maakte, kwam ik daar achter! Hm, dit werkt goed, dacht ik toen, dat ga ik vaker doen.”
In de loop der jaren kreeg hij ook langzaam het produceren in zijn vingers. “Dat heb ik bij dit album pas echt geleerd. Ik heb bijvoorbeeld gezien hoe een echte songwriter als Gonzalez te werk gaat. Hoe je een idee bedenkt en uitwerkt. En met Soulwax en James Murphy heb ik veel geleerd over live drums, werken met oude analoge apparatuur, dat soort dingen. Kijk, met Sexor had ik veel ideeën, maar was ik sneller tevreden -ik was allang blij als ik iets kon maken wat ik cool vond. Er staan ook songs op die ik, wanneer ik ze nu hoor, niet helemaal top vind. Maar dat waren mijn eerste stapjes. Het is ook moeilijk om geen dansmuziek te maken, zeker als je zo gewend bent aan die manier van werken. Om dan dat veilige gebied te verlaten en 'gewone' muziek te maken, dat is best vreemd.”
Maar, met een beetje hulp van zijn vrienden, heeft Tiga nu eindelijk zijn ultieme plaat gemaakt. “Het was bijna als een band”, lacht hij. “Dan schrijf je een track met Jori, je werkt hem verder uit met Gonzalez en produceert 'm met de Soulwax-jongens. Wat dat betreft was het een hoop werk; elke song was letterlijk een reis. Van Finland naar New York naar waar dan ook... En ja, dan sta je telkens onder druk om iets te maken, je kunt niet wat rondlummelen, maar dat vond ik ook wel lekker -elke keer kwam er ook iets goeds uit.”
Toch was er ook ruimte voor spontaniteit, zoals gebeurde met 'Gentle Giant', een collaboratie met James Murphy van LCD Soundsystem. “Dit is een soort popballad, maar begon als technotrack”, zegt de Canadees. “Je weet hoe het bij techno vaak draait om een toonaangevende loop. Geen van de songs op dit album heeft dat, het ging meestal meer om ideeën dan geluiden. Maar 'Gentle Giant' begon wel zo; James had zo'n oud Yamaha Organ staan, een enorm ding, vandaar de tracktitel, waar een geweldig geluid uit kwam. James speelde er wat simpele akkoorden op, en ik was helemaal verkocht. 'Opnemen!', was mijn eerste reactie, 'ook al zit er ruis en herrie doorheen, opnemen!'. Daar hebben we een loop van gemaakt en vervolgens de hele avond naar geluisterd! Je weet hoe dat gaat met een goeie loop, je wilt niet dat ie stopt, elke keer dat ie overnieuw begint ben je weer helemaal blij, haha! Een dag later hebben we de teksten gedaan, vocalen erbij, later heb ik nog de achtergrondvocalen van Jake (Shears) opgenomen in New York. Het eindresultaat is echt iets heel bijzonders.”
Zo wist Tiga van elke samenwerking iets speciaals te maken. “Ik was ook erg blij met de hulp van Soulwax, die gasten zijn ongelofelijk. Op een gegeven moment had ik moeite met slotnummer 'Love Don't Dance Here Anymore', toen heeft David de zanger van Das Pop, Bent, erbij gehaald voor de drums en geholpen met de productie. Dat werkte geniaal. Het mooie was dat iedereen waar ik mee werkte wel aanvoelde welke kant ik opwilde met dit album; een soort spacey disco-geluid, mechanisch maar menselijk. Ja, een beetje Giorgio Moroder of Patrick Cowley... Geen revolutionair concept, maar het moet wel op de goede manier worden gedaan.”
De Canadees erkent dat vooral de Soulwax-jongens nog weleens stevig uit de hoek kunnen komen. “Ja, daar heb ik het met ze over gehad, elke track op dit album is helemaal mijzelf, mijn stijl. Het is ook mijn taak om te vechten voor waar ik in geloof. Ik probeer geen Soulwax-plaat uit te brengen met mijn naam erop... En vaak genoeg wist ik dat ze iets anders wilden proberen, maar dan vond ik het goed zoals het was. Want inderdaad, Soulwax houdt er zeker van om groot te gaan, hehe. Dat kunnen ze ook als geen ander, luister naar hun remixen, die zijn soms huge. Maar in mijn geval zijn we een andere kant opgegaan; iets meer sexy, iets dieper.”
De logische volgende stap is dan een live-optreden. Want als je een volwaardig artiestenalbum uitbrengt, volstaat een simpele dj-set natuurlijk niet meer. “Ja, die vraag krijg ik vaker, maar ik weet het antwoord niet. Aan de ene kant hoef ik niet het makkelijke dj-leven: alleen maar singles uitbrengen, lekker draaien en op Ibiza hangen. Nee, ik wil meer dan dat, daarom ook deze plaat. Aan de andere kant vind ik het eng om als een soort popartiest het podium op te gaan, dat is niet de leefstijl die ik nastreef. Daarom zal ik voorlopig eerst een dj-tour doen, dan zie ik wel verder.”
“Als ik nou een coole band zou hebben, dan zou het kunnen. Misschien moet ik de mensen van dit album eens een mail sturen, eens vragen of ze later dit jaar tijd hebben voor wat shows. Dat zou geweldig zijn, David en Stephen, Bent op drums, Gonzalez op piano, wat dansers erbij. Ja, dan wil ik wel! Ik zal eens kijken wat ze ervan vinden, ik kom er op terug!”
Ciao! ligt vanaf 20 april in de winkels. Op woensdag 29 april staat Tiga in de Paradiso, Amsterdam.
txt Nico van der Plas
Vorig jaar werden we al getrakteerd op 'Mind Dimension', een onvervalste clubtrack van Tiga's aanstaande album. Geen goeie representant van de plaat, overigens, op Ciao! staan overwegend stijlvolle pop- en disconummers, meer dan ooit kiest het feestbeest uit Montreal voor een eigenzinnige crossover van stijlen. “Ik vind het heerlijk om precies tussen de underground en de mainstream te zitten”, vertelt hij tijdens een bezoek aan Amsterdam. “Niet dat ik daar zoveel over nadenk, ik ben opgegroeid in de underground, daar hoefde ik niet zonodig weg. Maar als je gaat zingen en je tracks echte songs worden, krijg je vanzelf een ander publiek.”
Op deze plaat verkoos de Canadees zelfs opzettelijk songs boven dansplaten, zo zegt hij. “Ik wilde nieuwe terreinen verkennen, iets meer muzikaliteit erin. Niet dat dansplaten amuzikaal zijn, de beste dansmuziek is vooral simpel en direct. In dat opzicht is 'Mind Dimension' het beste dansnummer op dit album. Ik wilde alleen iets verder gaan in het verkennen van mijn muziek, elektronische muziek diende hierbij als belangrijkste inspiratiebron.”
“Er is nog altijd een groot verschil tussen de muziek die je leuk vindt, of de muziek die je zelf maakt. Ik ben bijvoorbeeld groot fan van Konrad Black, dat beinvloedt mij, maar als ik zelf de studio induik komt het er heel anders uit. Ik wil ook niets van de lijst schrappen; ik hou van artiesten als Michael Mayer, Loco Dice, Louderbach, Joel Mull, Adam Beyer en Cari Lekebusch, maar ook van Justice, Soulwax en LCD Soundsystem. Veel Europese muziek, ja, daar heb ik altijd het meest naar geluisterd.”
Zo groeide Tiga op in Montreal, in de jaren 90 constant zijn oren gericht op Europa, steeds meer zijn draai vindend als artiest. “Ik was gewoon een technofreak”, vertelt hij. “Ik draaide op feestjes, had een platenzaak, organiseerde dingen, maar zag mezelf niet echt als techno-artiest. Ik had meer de ambitie om David Bowie-achtige songs te gaan maken. Toen heb ik wat remixen gedaan en kwam ik langzaam op het pad waar ik nu zit. Toen wist ik nog niet eens dat ik kon zingen, pas toen ik met Jori Hulkkonen die remix van 'Sunglasses at Night' maakte, kwam ik daar achter! Hm, dit werkt goed, dacht ik toen, dat ga ik vaker doen.”
In de loop der jaren kreeg hij ook langzaam het produceren in zijn vingers. “Dat heb ik bij dit album pas echt geleerd. Ik heb bijvoorbeeld gezien hoe een echte songwriter als Gonzalez te werk gaat. Hoe je een idee bedenkt en uitwerkt. En met Soulwax en James Murphy heb ik veel geleerd over live drums, werken met oude analoge apparatuur, dat soort dingen. Kijk, met Sexor had ik veel ideeën, maar was ik sneller tevreden -ik was allang blij als ik iets kon maken wat ik cool vond. Er staan ook songs op die ik, wanneer ik ze nu hoor, niet helemaal top vind. Maar dat waren mijn eerste stapjes. Het is ook moeilijk om geen dansmuziek te maken, zeker als je zo gewend bent aan die manier van werken. Om dan dat veilige gebied te verlaten en 'gewone' muziek te maken, dat is best vreemd.”
Maar, met een beetje hulp van zijn vrienden, heeft Tiga nu eindelijk zijn ultieme plaat gemaakt. “Het was bijna als een band”, lacht hij. “Dan schrijf je een track met Jori, je werkt hem verder uit met Gonzalez en produceert 'm met de Soulwax-jongens. Wat dat betreft was het een hoop werk; elke song was letterlijk een reis. Van Finland naar New York naar waar dan ook... En ja, dan sta je telkens onder druk om iets te maken, je kunt niet wat rondlummelen, maar dat vond ik ook wel lekker -elke keer kwam er ook iets goeds uit.”
Toch was er ook ruimte voor spontaniteit, zoals gebeurde met 'Gentle Giant', een collaboratie met James Murphy van LCD Soundsystem. “Dit is een soort popballad, maar begon als technotrack”, zegt de Canadees. “Je weet hoe het bij techno vaak draait om een toonaangevende loop. Geen van de songs op dit album heeft dat, het ging meestal meer om ideeën dan geluiden. Maar 'Gentle Giant' begon wel zo; James had zo'n oud Yamaha Organ staan, een enorm ding, vandaar de tracktitel, waar een geweldig geluid uit kwam. James speelde er wat simpele akkoorden op, en ik was helemaal verkocht. 'Opnemen!', was mijn eerste reactie, 'ook al zit er ruis en herrie doorheen, opnemen!'. Daar hebben we een loop van gemaakt en vervolgens de hele avond naar geluisterd! Je weet hoe dat gaat met een goeie loop, je wilt niet dat ie stopt, elke keer dat ie overnieuw begint ben je weer helemaal blij, haha! Een dag later hebben we de teksten gedaan, vocalen erbij, later heb ik nog de achtergrondvocalen van Jake (Shears) opgenomen in New York. Het eindresultaat is echt iets heel bijzonders.”
Zo wist Tiga van elke samenwerking iets speciaals te maken. “Ik was ook erg blij met de hulp van Soulwax, die gasten zijn ongelofelijk. Op een gegeven moment had ik moeite met slotnummer 'Love Don't Dance Here Anymore', toen heeft David de zanger van Das Pop, Bent, erbij gehaald voor de drums en geholpen met de productie. Dat werkte geniaal. Het mooie was dat iedereen waar ik mee werkte wel aanvoelde welke kant ik opwilde met dit album; een soort spacey disco-geluid, mechanisch maar menselijk. Ja, een beetje Giorgio Moroder of Patrick Cowley... Geen revolutionair concept, maar het moet wel op de goede manier worden gedaan.”
De Canadees erkent dat vooral de Soulwax-jongens nog weleens stevig uit de hoek kunnen komen. “Ja, daar heb ik het met ze over gehad, elke track op dit album is helemaal mijzelf, mijn stijl. Het is ook mijn taak om te vechten voor waar ik in geloof. Ik probeer geen Soulwax-plaat uit te brengen met mijn naam erop... En vaak genoeg wist ik dat ze iets anders wilden proberen, maar dan vond ik het goed zoals het was. Want inderdaad, Soulwax houdt er zeker van om groot te gaan, hehe. Dat kunnen ze ook als geen ander, luister naar hun remixen, die zijn soms huge. Maar in mijn geval zijn we een andere kant opgegaan; iets meer sexy, iets dieper.”
De logische volgende stap is dan een live-optreden. Want als je een volwaardig artiestenalbum uitbrengt, volstaat een simpele dj-set natuurlijk niet meer. “Ja, die vraag krijg ik vaker, maar ik weet het antwoord niet. Aan de ene kant hoef ik niet het makkelijke dj-leven: alleen maar singles uitbrengen, lekker draaien en op Ibiza hangen. Nee, ik wil meer dan dat, daarom ook deze plaat. Aan de andere kant vind ik het eng om als een soort popartiest het podium op te gaan, dat is niet de leefstijl die ik nastreef. Daarom zal ik voorlopig eerst een dj-tour doen, dan zie ik wel verder.”
“Als ik nou een coole band zou hebben, dan zou het kunnen. Misschien moet ik de mensen van dit album eens een mail sturen, eens vragen of ze later dit jaar tijd hebben voor wat shows. Dat zou geweldig zijn, David en Stephen, Bent op drums, Gonzalez op piano, wat dansers erbij. Ja, dan wil ik wel! Ik zal eens kijken wat ze ervan vinden, ik kom er op terug!”
Ciao! ligt vanaf 20 april in de winkels. Op woensdag 29 april staat Tiga in de Paradiso, Amsterdam.
txt Nico van der Plas



















![Nice [Pias] Nites](/uploads/images/articles/org/2617.jpg)































