Features + Evenementen
Paul Kalkbrenner warmt slechts op op eigen feestje

Paul Kalkbrenner warmt slechts op op eigen feestje

23 februari 2016

Afgelopen donderdag kwam één van de populairste techno-dj’s van Duitsland, Paul Kalkbrenner, zijn beste platen draaien in een uitverkochte Heineken Music Hall. Of moesten we nu spreken van een ‘artiest’ en een ‘concert’? Het is altijd weer een vraag die gesteld wordt bij avondvullende optredens die bestaan uit slechts één dj cq artiest achter een draaitafel. En ook na donderdag blijft het antwoord op deze vraag onduidelijk.

Wat is live?

Het zijn de laatste jaren veelbesproken vragen: Is een dj een artiest? Wanneer kun je een dj nu eigenlijk een live-act noemen? Is een dj die alleen eigen producties speelt een artiest en geen dj? Wat betekent de term ‘live’ überhaupt als we praten over dj’s? En als een dj enkel zijn eigen producties speelt, en dan dus een 'live artiest' is volgens de hedendaagse definities, is een avondvullend optreden van zo’n ‘artiest’ dan als een concert te beschouwen?

Het lijken in eerste instantie een beetje zeurderige vragen, maar deze vragen komen niet uit de lucht vallen. Al jarenlang worden hierover discussies gevoerd, en vaak wordt er een vergelijking getrokken met rockmuziek als het gaat om live optredens van dance-acts. Een muziekinstrument bespelen is immers goed te zien en te duiden vanuit een concertzaal en daardoor lastig te faken, bij veel danceachtige muziekacts worden er meer dan eens vragen gesteld in hoeverre deze hun ziel en zaligheid gooien in een optreden en in hoeverre je hun ‘live performance’ kunt horen. Acts als The Prodigy, Faithless en Underworld komen vaak nog wel door de schifting heen door de toevoeging van zang en dans, maar bij dj’s cq artiesten als Paul Kalkbrenner, die een vergelijkbare show in hun eentje vanachter hun draaitafel moeten dragen, is dat vaak een ander verhaal.

Mainstream

Maar goed, laten we eerst even terug gaan in de tijd. In 2009 brak Kalkbrenner eigenlijk pas definitief door met het bij iedereen bekende Sky and Sand, afkomstig uit de cultkraker Berlin Calling (waar Kalkbrenner zelf de hoofdrol in speelt). De hele soundtrack van deze film sprak aan bij een groot en breed publiek en werd daarnaast ook geliefde muziek voor tv-reclames. Kalkbrenner speelde zich in de kijker van de mainstream en werd populair door deze prettig in het gehoor liggende minimale techno, waar subtiele vocalen en lieflijke synths voor enkel feelgoodmomenten zorgen. Men vergeet echter dat Kalkbrenner in de tien jaren daarvoor zeker niet zo braaf draaide en produceerde.

Kalkbrenner heeft na 2009 echter bewust gekozen voor de mainstream: de grote hallen, het grote publiek en avondvullende programma’s die hij dan voornamelijk in zijn eentje verzorgt. Dance- en technofestivals doet hij nog wel aan, maar hij kiest ze wel met grote precisie uit. Kalkbrenner wil namelijk niet meer als dj gezien worden, maar als artiest. Nu valt dat op zich te billijken, maar of je zijn avondvullende programma’s dan ook als ‘concerten’ kan beschouwen, dat is misschien toch wel een brug te ver, getuige zijn optreden vorige week donderdag, en gezien de vragen die al werden gesteld aan het begin van deze recensie.

Show vol tegenstellingen

De avond in de HMH staat in het teken van zijn laatste album 7, dat van het eerste tot het laatste nummer een onmiskenbare Kalkbrenner-vibe heeft. De avond is uitverkocht, maar het duurt nogal een tijdje voordat het overal een beetje vol is. En dat heeft niet alleen met de rijen te maken waaraan je helaas maar niet lijkt te kunnen ontkomen in de HMH.

Wanneer Kalkbrenner tegen half negen het bal opent zijn de meeste bezoekers nog vooral bezig met indrinken, drank halen of roken in de daarvoor bestemde ruimtes buiten de zaal. En dat blijft het eerste half uur ook nog zo. De boel moet nog duidelijk opgewarmd worden en ook het geluid helpt daar niet echt bij. De geluidsman heeft het moeilijk en kan het geheel maar niet lekker afstellen. Potentiële hoogtepunten als Aaron en Sky and Sand worden veel te hard afgedraaid, de vocals in datzelfde Sky and Sand klinken veel te schel door de boxen. Even later gebeurt het tegenovergestelde, wanneer Dockyard juist weer veel te ingetogen wordt afgespeeld waar de bas juist helemaal opengedraaid had mogen worden. En dat is gewoonweg jammer.

Toch lukt het halverwege dan eindelijk om het geluid op orde te krijgen en wint het optreden aan kracht, al kunnen we dan nog steeds echt niet spreken van een artiest die hier een concert weggeeft. Daarvoor is het geheel gewoon te kaal. Kalkbrenner heeft geen ondersteuning van andere artiesten, dansers, zangers of instrumenten en staat, hetzij zeer energiek, gewoon z’n eigen plaatjes aan elkaar te mixen. En in hoeverre hij dat ‘live’ doet, tja, dat is zeer moeilijk te bepalen vanuit de zaal. De enige opvallende momenten op het podium zijn op één hand te tellen: Kalkbrenner’s echtgenote komt hem even een knuffel geven tijdens Altes Kamuffel en op een ander moment lapt hij zelf het rookverbod in de zaal aan zijn laars en steekt hij een sigaret op achter de draaitafel. Verder moet het optreden het vooral hebben van de sterke lichtshow.

Daarnaast is het opmerkelijk dat juist de nummers met vocals het beste vallen bij het publiek en hard worden meegezongen. Kalkbrenner’s interpretatie van Jefferson Airplane’s White Rabbit bijvoorbeeld (op 7 onder de naam Feed Your Head terug te vinden), dat tegen het einde van de show voor mooie momenten in de zaal zorgt. Hetzelfde geldt voor Kalkbrenner’s mix van Michel Cleis’ La Mezcla, waarbij het publiek er echt klaar voor lijkt. Jammergenoeg blijft het bij ´lijkt´ aangezien La Mezcla na tweeënhalf uur ook meteen het einde van de avond is.

Hoofdact of opwarmact?

Al met al heeft Kalkbrenner een heel oeuvre aan fijne nummers waarmee hij iedereen prima kan vermaken, maar om hem als concert te programmeren is toch echt iets teveel van het goede. Met een gedegen voorprogramma van minstens een uur had de avond al een flinke boost kunnen krijgen, nu warmt Kalkbrenner eigenlijk op voor zichzelf zonder het af te kunnen maken, en dat allemaal door de vorm van de avond. Dat is gewoonweg zonde en je kunt je daarbij dan ook afvragen waarom Kalkbrenner een show als deze in de Heineken Music Hall toch op een dergelijke manier wilt invullen. Neem dan een voorbeeld aan onemanshows als die van Tiësto en Armin van Buuren die er in hun eentje een nachtelijke marathon van maken en zich niet beperken tot een uurtje of twee draaien. Dan krijgt zo’n evenement namelijk gewoon weer de vorm van een dance-evenement, zoals dat gebruikelijker is en beter past bij het karakter van deze muziekstroming.

Al met al zien we Kalkbrenner dit jaar dan ook liever op wat hete zomeravonden draaien op een festivalletje hier en daar. Zo erg is het niet om te leven als dj en niet als artiest.

Beoordeling: 3 uit 5 sterren.

Txt: Colin Kraan // Imgs: Ferdy Damman Photography

Advertentie
Party Tips